|

|

|
|
Aquarium vereniging
Het Bonte Plaatje |
|
|

|

|
|
Mijn naam is Ron Schaftenaar, ik zag 't levenslicht in 1958, in een klein 2 kamerwoninkje op 3 hoog achter, op
een steenworp afstand van Natura Artis Magistra, beter bekend als dierentuin ARTIS te Amsterdam. Ik ben eigenlijk genetisch besmet met 't aquariumvirus. Mijn vader had eigenlijk vinnen en kieuwen
moeten hebben, zo was die man bezig met zijn hobby: het houden maar vooral kweken van aquariumvisjes en -plantjes. Mijn eerste herinnering aan een eigen bak, stamt van rond mijn derde jaar, toen brak er een
klein brandje uit in onze slaapkamer, deze werd geblust d.m.v. het leeggooien van o.a. mijn bak (25*15*15cm) door mijn vader. Van die zelfde tijd stammen mijn herinneringen aan Artis, en vooral het imposante
Aquarium huis. Mijn oma had een jaarkaart en wij woonden er vlak om de hoek, dus zij nam ons regelmatig mee. Daar leerde ik ook Frank de Graaf kennen, auteur en conservator van Artis Aquarium, die vond het
waarschijnlijk wel leuk om zo'n "straatschoffie" aan de hand te nemen en rond te leiden in zijn aquariumhuis. Tot mijn 8ste
jaar kwam ik regelmatig bij ome Frank buurten, kijken en vooral kennis opdoen. Daarna zijn wij verhuisd naar Friesland, het enige aquarium wat ik daar kende, stond in mijn kamertje. Mijn vriendjes vonden mij maar een "Frjemd boai" met mijn uitheemse visjes, zij leerde mij de inheemse visjes kennen en de natuur daaromheen Natuurlijk moest er toen in de tuin een koudwater aquarium komen, dit ging goed tot de eerste nachtvorst, bak kapot en visjes overleden.
Na verschillende omzwervingen door Nederland kwam ik in Twente terecht, tot nu toe heb ik alleen een gezelschapsaquarium gehouden, maar die mooie, fel gekleurde visjes vond ik eigenlijk veel mooier. Van mijn
zakgeld een paartje Cichlasoma meeki, de vuurkeelcichliden, gekocht, wat een prachtdieren vond ik dit, tenminste de eerste dag. De daarop volgende dagen, terroriseerden deze vissen de hele bak, alle andere
vissen in de ene hoek, in de andere hoek de planten die zij uit de bodem "gerost" hadden om een kuil te maken. wat een chaos hadden die beesten veroorzaakt, maar wat een kleuren hadden ze en dat
gedrag, prachtig. Ik was besmet met een voor mij nieuw soort virus, n.l. het cichlidenvirus. Behandeling mocht niet baten, ik was cichlidioot en van het soort waarvan je niet meer geneest. Ome Frank had mij
vroeger geleerd, om eerst te lezen over de dieren die je houden wilt, dat vond ik altijd flauwe kul, maar nu begon ik te begrijpen wat hij bedoelde. Er zijn zoveel verschillende cichliden met hun speciale eisen
wat watersamenstelling, huisvesting, voeding, voortplanting, broedzorg en ander gedrag betreft, dat je niet zomaar een aantal vissen bij elkaar kan plaatsen. 9 van de 10 keer loopt dit verkeerd af. Dus lezen,
lezen en nog eens lezen. Binnen de kortste keren was ik in het bezit van een aantal "speciaal aquaria" en werd mijn inspanning beloond door veel, heel veel nakweek. En wat moet je daar nu mee. Gelukkig
was er in Enschede een winkel waar ik altijd mijn nakweek kon inleveren, hier kreeg ik dan weer visvoer of bijzondere vissen voor terug. |

|

|

|
|

|

|
|

|
|
|
|
Op een bepaalde dag, toen ik weer wat nakweek naar Veldhuis bracht, kwam ik in contact met een wat kleine, gezette man met
een grote bril, krullekop en kleine pretoogjes. Deze man bleek een nog grotere cichlidioot te zijn dan dat ik was. Dit was het begin van een lange vriendschap, die nog steeds bestaat. Helaas hebben we momenteel
wat minder contact, hij woont aan de ander kant van de wereld, ja inderdaad ik heb het over Ton v Uitert, onze Thaise correspondent. Vanaf de eerste ontmoeting gingen Ton en ik veel op stap, we reden heel
Nederland en soms zelfs Duitsland en België door, en alles voor de hobby. Waar we ook heen gingen, een grote tempex doos ging altijd mee, je weet nooit wat je tegen komt. Ton kocht het liefst volwassen dieren en
eigenlijk moest dit in zijn aquarium ook wel, anders ging het mis. Ik kocht, en koop nog steeds, het liefste zo jong mogelijk de visjes. Ik wil ze zien opgroeien, en je betaalt er een heel stuk minder voor.
Hij bracht mij ook in contact met Aquariumvereniging Black Molly en hun bibliotheek, tjonge jonge, een grote kast helemaal vol met aquarium boeken. Alleen al hier om werd ik lid van de vereniging. Toen er in
het bedrijf van Ton, een vacature vrij kwam, was het snel geregeld, en ben ik voor hem gaan werken. Nu was het nog makkelijker om onze visreizen te maken, we combineerden ze gewoon met wat zakelijke afspraken,
dit was voor ons makkelijker te verkopen aan het thuisfront en de collega's, de afspraken planden we natuurlijk zelf. In de hal van het bedrijf stond een aquarium van 3,2 meter. In het begin ingericht als
Malawi aquarium en later West Afrika en midden Amerika. Ik zelf heb in die periode natuurlijk dezelfde vissen gehouden, maar ook vissen uit het Tanganyikameer, Victoriameer, Amerikaanse Dwergcichliden en
Discusvissen zwommen bij mij rond. In Hengelo had ik een hoekaquarium met de afmeting 125*150*60 cm en in de kelder een 6 tal kweekbakken variërend van 1 tot 1½ meter lang. In 1986 ben ik verhuisd naar
Enschede. In dit nieuwe huis zit een muur van bijna 9 meter. Ik zag het helemaal zitten, een aquarium van zeker 3 en het liefst 4 meter, moest er komen. Het probleem van de houten vloer werd opgelost door een
betonnen fundering te maken van 5 meter lang en 1 meter breed. In principe kon ik een bak plaatsen van 5 bij 1 meter….…. Gelukkig heb ik dit niet gedaan, zelfs de 3 meterbak is er nooit gekomen. |
|
|

|
|
|